De mens is een plezant wezen. Al maanden voordat het grote moment van de geboorte plaatsvindt gaat de moeder naar de zwangerschapsgymnastiek, moet ze ademhalingsoefeningen doen voor de komende persweeën, staat ze onder zware controle van de huisarts. Er staat een batterij kraamverzorgsters klaar om het baby te vangen, zodra het geboren wordt, we sturen kaartjes rond en zetten een ooievaar in de tuin met de naam van de jonge spruit. Het gemeentehuis moet ook bericht worden, want anders ben je meteen illegaal. De eerste jaren wordt nauwkeurig bijgehouden of het kind wel volgens de groeicurve groter wordt, het krijgt de eerste jaren een aantal prikken om bestand te zijn tegen allerlei enge ziektes. Uiteindelijk gaat het na een jaar of vijf naar school tot zijn twintigste of zelfs ver daarna en komt langzaam onder de vleugels van paps en mams vandaan en fladdert dan uiteindelijk uit.
Alles is in ons leven geregeld, overal hebben we dure boekjes of medische adviseurs voor om een mensenleven zo gladjes mogelijk te laten verlopen. Alleen jammer dat er één cursus ontbreek bij bijna iedereen, namelijk een cursus kinderen opvoeden. Zonder enig diploma kun je ongestraft een kind krijgen met alle gevolgen van dien, maar goed alleen daaraan zou ik een hele column kunnen wijden.
Bovenstaande schiet door mijn hoofd als ik op deze mistige zaterdagochtend langs het kanaal loop een zie het ooievaarsnest net buiten het dorp. Al meer dan een maand zijn er twee van die langpoten druk bezig een babykamer in te richten. Doorgaans hebben ze mooi weer gehad maar vorige week met die wind moeten ze ook zorgen dat hun toekomstige baby


